Een nieuwe discussie over de belasting van Lamine Yamal lijkt in de maak.

De aanvaller van Barcelona speelde de afgelopen interlandperiode meer minuten dan bondscoach Luis de la Fuente vooraf had beloofd. De la Fuente verzekerde voorafgaand aan de Nations League-wedstrijd tegen Kroatië dat geen enkele Spaans international meer dan 270 minuten zou spelen. Yamal keerde uiteindelijk met 281 minuten in de benen terug naar Barcelona, zo schrijft AS. De blessuretijd is daarin niet eens meegerekend. De negentienjarige aanvaller was de enige Spaanse international die in alle vier wedstrijden aan de aftrap verscheen. Tegen Kroatië werd hij in de slotfase gewisseld, maar op dat moment had De la Fuente zijn eigen grens al met elf minuten overschreden. Dat ligt gevoelig vanwege de voorgeschiedenis tussen De la Fuente en Hansi Flick. De Barcelona-trainer haalde in september 2025 hard uit nadat Yamal met pijn aan zijn lies was teruggekeerd van de Spaanse ploeg. Volgens Flick had Yamal tussendoor nauwelijks kunnen trainen en kreeg hij pijnstillers om toch te kunnen spelen. “Hij ging al met pijn naar de nationale ploeg. Dat is niet goed voor spelers zorgen”, stelde de Duitser, die destijds ook klaagde over de gebrekkige communicatie met de Spaanse staf. De la Fuente reageerde aanvankelijk bijzonder koel. “Ik herinner me niet wat Flick heeft gezegd en het interesseert me ook niet”, zei de bondscoach. Enkele dagen later voegde hij eraan toe dat de kritiek hem verbaasde, omdat Flick zelf bondscoach van Duitsland was geweest. Volgens De la Fuente had hij daarom ‘meer empathie’ van zijn collega verwacht. De verstandhouding leek daarna langzaam te verbeteren, maar volgens AS kan de overschrijding van de afgesproken minutengrens de oude discussie opnieuw aanwakkeren. (VZ)