PARAMARIBO – Suriname moet uiterlijk binnen een jaar beschikken over een breed gedragen ontwikkelingsplan dat politieke wisselingen kan overleven en richting kan geven...

aan de toekomst van het land tot 2050. Met dat doel heeft president Jennifer Simons vrijdag het Nationaal Ontwikkelingsplatform geïnstalleerd, waarin vertegenwoordigers uit de politiek, het bedrijfsleven, vakbewegingen en diverse maatschappelijke organisaties zitting hebben.
Volgens het staatshoofd moet het platform uitgroeien tot een nationaal overlegorgaan dat de gehele samenleving betrekt bij het bepalen van de ontwikkelingskoers van Suriname. Uiteindelijk moet dit leiden tot een road map voor de periode 2030 tot 2050. “De bedoeling is te kijken welk draagvlak er is in die samenleving voor de ontwikkelingsrichting”, zegt president Simons. Zij benadrukte dat de uitkomst een plan moet zijn waarmee opeenvolgende regeringen verder kunnen werken, ongeacht politieke kleur of samenstelling.
De president wees erop dat Suriname zich op een cruciaal moment bevindt nu de eerste grote inkomsten uit de olie- en gassector in zicht komen. Volgens haar biedt die ontwikkeling ongekende mogelijkheden, maar schuilen er eveneens aanzienlijke risico’s wanneer de beschikbare middelen niet verstandig worden ingezet. “We hebben nu een perspectief van middelen die binnenkomen uit olie en gas, maar daar zitten ook risico’s aan verbonden als je het niet goed doet”, aldus Simons.
De leiding van het platform is in handen van technocraat Karel Eckhorst, die de komende twaalf maanden het proces moet begeleiden. Hij benadrukte dat de aanstaande toetreding van Suriname tot de kring van olieproducerende landen grote maatschappelijke en economische veranderingen met zich zal meebrengen.
Volgens Eckhorst is het daarom essentieel dat de toekomstige rijkdom niet slechts leidt tot economische groei, maar ook wordt ingezet voor duurzame en inclusieve ontwikkeling. Het ontwikkelingsmodel moet volgens hem niet voor de samenleving worden ontworpen, maar samen met de samenleving tot stand komen. “Per slot van rekening heeft ontwikkeling te maken met het verheffen van die samenleving. Alles moet aansluiten op die grote visie”, stelde hij.
Ook vanuit het bedrijfsleven wordt het initiatief ondersteund, al klinkt tegelijkertijd de oproep om de plannen niet op papier te laten stranden. VSB-voorzitter Rekha Bissumbhar, die deel uitmaakt van de trekkersgroep binnen het platform, benadrukt dat de uitvoering uiteindelijk bepalend zal zijn voor het succes. “Het moet niet alleen bij praten en plannen blijven, want dan is het succes niet gehaald”, zegt zij. Volgens Bissumbhar moeten de eerste resultaten al binnen een jaar zichtbaar worden, zodat de verwachte inkomsten uit de energiesector daadwerkelijk kunnen worden ingezet voor nationale ontwikkeling.
De trekkersgroep bestaat verder uit Sergio Akiemboto van het Kabinet van de President, Reynold Simons van de Raad van Vakcentrales in Suriname, Danny Lachman van het Planbureau Suriname en Lothar Boksteen van de Confederatie voor Organisaties van Landsdienaren. Daarnaast maken vertegenwoordigers van politieke partijen, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties deel uit van het platform. Opvallend is dat de Vereniging van Economisten in Suriname (VES), die eveneens was benaderd, ervoor heeft gekozen haar onafhankelijke positie te behouden en geen zitting te nemen in het orgaan.