MOSKOU - De stijgende olieprijzen als gevolg van de oorlog in Iran zijn een opsteker voor Rusland en een reddingsboei voor de noodlijdende Russische economie, in ieder geval zolang als de oorlog voortduurt.

Maar de extra inkomsten kunnen niet verhinderen dat Rusland dit jaar opnieuw afstevent op een fors begrotingstekort. Dat dwingt het Kremlin tot drastische maatregelen, zoals forse bezuinigingen en belastingverhogingen.
Rusland verdient de laatste jaren steeds minder aan de export van olie en gas, traditioneel de primaire inkomstenbronnen. Dat heeft te maken met sancties, maar ook met een ongunstige koers van de roebel ten opzichte van de dollar. Iedere dollar die Rusland nu verdient uit de export levert de Russische staatskas ongeveer 20 procent minder op dan begin vorig jaar. En hoewel de export van olie uit Rusland de afgelopen jaren min of meer stabiel is gebleven, ging het gros daarvan tegen flinke kortingen naar grootafnemers en bondgenoten China en India. Europa was de belangrijkste afzetmarkt voor Russisch gas, maar daarvan is nog maar weinig over. Naast vloeibaar gas bereikt een bescheiden volume via één nog werkende pijpleiding enkele afnemers in Zuidoost- en Centraal-Europa. Gasproducent Gazprom is nu het meest verliesgevende bedrijf in Rusland. Een gelijkwaardig alternatief voor de Europese markt is er niet. Na lang aandringen van Moskou heeft China een principeakkoord getekend over de aanleg van een nieuwe gaspijpleiding, die gas moet vervoeren van West-Siberië naar China. Maar het is nog verre van zeker dat die er ook daadwerkelijk komt. Hoe dan ook zal het zeker tien jaar vergen voor zo'n nieuwe route op stoom is. Als het zo ver komt, kan die nieuwe afzetmarkt het verlies van de Europese afnemers niet compenseren.
De inkomsten uit andere sectoren zijn licht gestegen, blijkt uit de jongste cijfers, maar ze kunnen het verlies van de olie- en gasexport niet ondervangen. De Russische regering zoekt dus naar andere middelen om de tekorten te verminderen. Alle ministeries hebben inmiddels opdracht gekregen hun uitgaven terug te brengen met 10 procent. Er zal dus fors worden bezuinigd op bijvoorbeeld de gezondheidszorg. Het onder president Poetin enorm gegroeide ambtenarenapparaat zal worden ingekrompen, wat betekent dat er veel banen gaan verdwijnen, ook in de gezondheidszorg en het onderwijs. Tegelijkertijd is per 1 januari de btw verhoogd van 20 tot 22 procent en is ook het aantal bedrijven dat btw moet afdragen sterk uitgebreid. Dat blijkt funest voor veel vooral kleinere ondernemers, die hierdoor niet of nauwelijks nog het hoofd boven water kunnen houden. (NOS)