JAPAN - Onder het oorverdovende geronk van de motoren stijgen één voor één Nederlandse F-35-vliegtuigen op vanaf de startbaan op luchtbasis Misawa,...

in het noorden van Japan. "We oefenen luchtgevechten en het aanvallen van gronddoelen", vertelt André Steur, commandant van de Lucht- en Ruimte Strijdkrachten. "Het doel van de oefening is afschrikking, maar als het misgaat moeten we als één team kunnen vechten." Het is een flinke reis van huis voor de Nederlandse militairen, die met vijf gevechtsvliegtuigen van de nieuwste generatie en een tankvliegtuig de ruim 10.000 kilometer lange tocht naar Japan hebben gemaakt. "Dat hebben we met relatief weinig mensen en materieel kunnen doen, omdat we veel van de Japanners kunnen lenen en hun vliegveld mogen gebruiken", zegt luitenant-kolonel Pascal Smaal, die het detachement leidt. "De samenwerking gaat goed", aldus Smaal. "Het laat zien dat we met zo'n kleine groep vliegtuigen heel wendbaar zijn en overal ter wereld ingezet kunnen worden." De oefening past in een bredere ontwikkeling: Japan zoekt steeds meer samenwerking met andere landen. Dat heeft onder meer te maken met de Verenigde Staten, de belangrijkste bondgenoot van Japan. President Trump klaagt al jaren dat partnerlanden, waaronder Japan, te weinig bijdragen aan de gezamenlijke defensie. Tot nu toe wist Japan die spanningen te beperken met economische toezeggingen en vleierij. Zo zei premier Sanae Takaichi tijdens een recente ontmoeting met Trump dat hij de wereld "vrede kan brengen". (NOS)